Op 5 april 2012 heeft president Bouterse via zijn waarnemer, vicepresident Ameerali, de Amnestiewet, waarin de verdachten van de decembermoorden vrijgesteld werden van vervolging, bekrachtigd.

Het was een tactische zet om te maskeren dat hij zich wel schuldig maakte aan een hele grove vorm van belangenverstrengeling. Hij was immers hoofdverdachte in het 8 decemberstrafproces.

Er was sprake van wetgeving-ad-hominem, wetgeving gericht op persoonlijk belang. Het was een zelfamnestiewet, zoals de beruchte Chileense generaal Augusto Pinochet die ook had doen uitvaardigen.

De zelfamnestiewet was in strijd met de grondwet, omdat het grondrechten van slachtoffers en nabestaanden schond en omdat het indruiste tegen het grondwettelijk verbod op inmenging in een lopen strafproces. Zij was ook in strijd met internationale mensenrechtenverdragen die door Suriname zijn geratificeerd.

Omdat de Amnestiewet in strijd is met wetgeving van een hogere rangorde, spreekt men van onrechtmatige wetgeving. Tientallen nabestaanden hebben een zaak, tegen de Amnestiewet, tegen de staat Suriname aangekaart bij de Inter-Amerikaanse Commissie voor de Rechten van de Mens.

Het is een kwestie van tijd dat Suriname evenals in de Moiwana case veroordeeld zal worden voor het schenden van de internationale mensenrechtenverdragen en het tekort doen van slachtoffers en nabestaanden.

De onrechtmatige Amnestiewet heeft de 8 decemberstrafzaak gepolitiseerd.

Voor of tegen de onrechtmatige Amnestiewet wordt een belangrijk criterium waaraan het electoraat de partijen en combinaties zullen toetsen.

Dit bericht is afkomstig van GFC Nieuws. Bekijk het oorspronkelijke bericht hier.