PARAMARIBO, 17 nov – Parlementsvoorzitter Jennifer Simons heeft schoon genoeg van het gekibbel over welke parlementariër meer grond cadeau heeft gekregen dan de ander. Met haar herhaalde aansporing om de beschuldigingen over en weer te laten, blijkt de politica niet meer dan een roepende in de woestijn. De frustratie droop er dan ook van af tijdens de laatste vergadering van het parlement.

De boot was weer helemaal aan. De ene parlementariër na de andere sloofde zich uit in het zich heiliger voordoen dan de paus. “Ik vraag me af of de leden van het college aan beide kanten zich niet gewoon schamen om over dit ding te blijven praten”, zei Simons op gegeven moment. Zij uitte zich al eerder in en buiten het parlement in soortgelijke bewoordingen. Voor Simons moet het eens eindelijk gedaan zijn met het heen en weer slingeren van aantijgingen.

Aan beide zijden is vooral de verontwaardiging opmerkelijk, ‘terwijl het volk naar grond snakt.’ De beschuldigingen zouden precies hierom zijn begonnen. Simons vindt het beschamend dat zelfs bij de begrotingsdebatten haast niets anders voorrang heeft. Het is bovendien zinloos. Met de regering kan liever worden nagegaan hoe te komen tot een rechtvaardiger landverdeling. In elk geval stelde Simons een daad door de laatste vergadering af te hameren: “Ik ben moe van jullie.”

Dit bericht is afkomstig van Suriname | Waterkant.Net. Bekijk het oorspronkelijke bericht hier.