Minister Armand Achaibersing van Financiën en Planning heeft voorgesteld het tarief van de Belasting over Toegevoegde Waarde (BTW) naar 11,5% te brengen in plaats van de 15% zoals aanvankelijk was voorgesteld.

Dat deed de minister donderdagmiddag 25 augustus tijdens de debatten in de Nationale Assemblee over de invoering van BTW. Eerder tijdens de behandeling van het desbetreffend wetsontwerp in eerste ronde hebben verschillende Assembleeleden bezwaren geuit tegen een BTW-tarief van 15%. Ze vinden die te hoog. Het zou onder andere een te hoge belastingdruk leggen op de consument. De BTW moet per 1 januari 2023 in de plaats komen van de huidige omzetbelasting. Het tarief van de huidige omzetbelasting is 12%.

BTW-tarief in samenhang 

Minister Achaibersing legde het voorstel voor het nieuwe BTW-tarief op tafel tijdens de spreekbeurt van VHP-fractieleider Asiskumar Gajadien. In het belang van de gedachtegang tijdens de debatten wilde Gajadien van de regering weten wat het nieuwe tariefvoorstel is. De minister gaf aan, dat het tarief van de BTW niet op zichzelf staat, maar dat die in samenhang staat met de vrijstellingsregeling en het nultarief waar de 108 pagina’s tellende ontwerpwet BTW in voorziet. Ook het budgettair kader dient goed in de gaten te worden gehouden.

Het nu voorgestelde BTW-tarief van 11,5% ligt substantieel lager dan de 15% welke aanvankelijk was voorgesteld. Bij de vaststelling van het tariefvoorstel van 11,5% zijn volgens de minister de berekeningen van de IDB (Inter-American Development Bank) en de Centrale Bank van Suriname in ogenschouw genomen. Volgens de IDB zouden bij een tarief van 10% de overheidsinkomsten uit BTW gelijk zijn aan 7% van het BBP. Bij een BTW-tarief van 12,5% zou dat 7,5% zijn het BBP.

Eerder heeft de minister aangegeven, dat de Centrale Bank van Suriname bij een BTW-tarief van 12,5% heeft uitgerekend, dat de inflatoire effecten 6% zouden bedragen. Bij de samenstelling van dit artikel waren de debatten in het parlement nog gaande.

SS

Dit bericht is afkomstig van Dagblad Suriname. Bekijk het oorspronkelijke bericht hier.