De voorlopig stopgezette olieproductie van brandstofmaatschappij Petrotrin op Trinidad heeft een directe negatieve werking op de pompprijzen in Suriname, zegt een van de deskundigen op het ministerie van Handel en Industrie (HI) aan Dagblad Suriname. Normaliter betrekken SOL en Suritex hun brandstof bij twee verschillende Trinidadiaanse brandstofmaatschappijen, Petrotrin en Shell West. Het uitvallen van laatstgenoemd bedrijf heeft de Shell West in een monopolie positie geplaatst en de vraag naar brandstof in de regio doen stijgen. Dit zou een van de redenen zijn voor de nog hoge pompprijzen.

Petrotrin start weer in december met haar verkopen in de regio. Een andere oorzaak ligt in het moment van inkoop van de olie, die in het buitenland wordt gekocht. Het kan zijn dat de olie gekocht is in een periode waarop de prijs nog hoog was. Het effect van een veranderde olieprijs wordt meestal een maand later ervaren bij de lokale pompen. De prijs van de verscheepte olie in de boot is naar zeggen van de deskundige niet dezelfde als de prijs die aan de pomp wordt betaald. Bij aankomst in de haven wordt een cif-prijs gehanteerd per liter. Op deze prijs wordt de governement take van SRD 1,50 geplaatst, op het moment dat het zwarte vloeistof via de pompen in de opslagtanks wordt ingeladen. Daarnaast worden provisiekosten betaald, die gelijk is aan 5/100 procent op een liter, plus de bedrijfsmarge. Het bedrag dat uiteindelijk wordt bepaald, is terug te vinden op de factuur en niet het bedrag dat betaald is bij de aankoop van de brandstof in het buitenland.

 

Dit bericht is afkomstig van Dagblad Suriname. Bekijk het oorspronkelijke bericht hier.