In augustus dit jaar heeft diende een nieuw schandaal zich aan, dat bekend staat als het Sabaku Project. Gronden zijn toebedeeld aan mensen van politieke organisaties, met name van de huidige coalitie. Ook bij deze uitreiking hebben burgers die daarop recht hebben grond ter beschikking gekregen. Opvallend was dat binnen deze uitgifte direct daags erna deze terreinen werden verkocht aan derden waardoor de mensen die eigenlijk in aanmerking waren gekomen geen aanspraak op de grond konden maken. 

Toen dit schandaal bekend werd, nam de president het besluit om alle activiteiten rond dit project te bevriezen voor de duur van 6 maanden. Hiervoor heeft hij alle actoren, zoals banken en notarissen, aangeschreven om geen transacties te ontplooien rond het Sabaku Project. Hij heeft ook de procureur-generaal gevraagd om een onderzoek, om na te gaan of er mogelijk malversaties hebben plaatsgevonden bij het uitgeven van deze terreinen. Tegelijkertijd heeft hij ook een presidentiële werkgroep ingesteld om onderzoek te doen naar de rechtmatigheid, onder leiding van  Humphrey Tjin Liep Shie. Tjin Liep Shie was destijds reeds belast met het onderzoek rond het grote aantal Haïtianen die het land binnenkwamen. Echter is er tot op heden geen verslag hierover uitgebracht. 

De president heeft zelf ook aangegeven zijn presidentiële bevoegdheid te gebruiken om alle besluiten die volgens hem niet goed zijn, van de Raad van Ministers, op te schorten. Deze vorm van dwangmiddel naar zijn eigen regering toe en zijn eigen ministers welke door hem zijn beëdigd, geeft indirect aan dat hij ze niet vertrouwd.

Zo een uitspraak is voor het eerst in de geschiedenis van Suriname gedaan en is alleen voorgekomen  in de periode van de militaire dictatuur van Desi Bouterse. Want als je de besluiten van de Raad van Ministers kan opschorten, waarvan de vicepresident voorzitter is, heb je met andere woorden geen vertrouwen in de persoon die leiding geeft aan dit instituut en de ministers die deel uitmaken van dit instituut. En dat is een brevet van ongeschiktheid aan alle ministers. Toen de president deze uitspraak deed hebben ze allemaal gezwegen. Waarom moest de president overigens perse een werkgroep instellen om dit onderzoek te doen? Hij kon simpelweg een notariskantoor inhuren, die de zwepen kennen voor wat betreft het kopen en verkopen van gronden. Uitgaande van vorige werkgroepen van de president, kan verwacht worden dat niets uit de bus zal komen.

De minister van Grondbeleid en Bosbeheer (GBB) heeft eens of oneens binnen haar bevoegdheid gehandeld. Als het Openbaar Ministerie iets onheus mocht opmerken betekent het, dat de minister van GBB vervolgbaar is. Zij is staatsrechtelijk verantwoordelijk voor haar handelingen. De vraag is of de president zal ingrijpen. Daarvoor zijn er grote twijfels, want ook bij de voormalige minister van GBB, Diana Pokie, heeft hij als een baksteen gedumpt. Ook daar was een werkgroep ingesteld rond haar mogelijke handelingen.

Het resultaat ervan, zover die er is, heeft nimmer iets kenbaar gemaakt. Operatie “doofpot”. 

We hebben vaak gezien, dat mensen zich verrijken door het verkrijgen van grond en middels politieke ingangen honderden hectare verkrijgen, en nimmer de bedoeling hebben deze te gebruiken, maar door te verkopen en slapend rijk te worden. Het is onder alle regeringen gebeurd. Het lijkt erop alsof ze bewust komen om zich te verrijken/ te stelen. Je moet de staat “roven”, dat is makkelijk zolang je er derden bij betrekt. Vandaar dat je ziet dat parlementariërs nooit over grondspeculaties of grondschandalen praten. Vaak genoeg zitten ze er allemaal in onder de noemer democratie. Bijna alle parlementariërs in de geschiedenis van Suriname hebben zich tegoed gedaan in die functie om zichzelf te verrijken. Ze durven ook niet iets te zeggen uit angst dat dossiers over hun daden bekend zullen worden. Vandaar dat het parlement niet in staat is de bevolking te beschermen tegen zaken als gronduitgifte. Er zal transparantie moeten komen in deze, maar tot nu toe is er geen sprake hiervan. 

Het is altijd goed dat mensen die recht op een stuk grond hebben, dat krijgen, maar in die verdeelsleutel zal altijd een groot deel gaan naar politici die het niet nodig hebben. Ze verkopen het, verdienen er geld mee, leven in weelde, en dat is georganiseerde misdaad die de bevolking niet ziet. Velen doen alsof ze opkomen voor de samenleving terwijl ze in de voorste rij staan wanneer het gaat om het zich toe-eigenen/stelen van de gronden van de natie. En niemand zal dit volk eruit kunnen halen, tenzij er een leider opstaat en zegt “Tot hier! Het is genoeg”. Daar zijn we op dit moment niet. 

Winston Bergstroom

Dit bericht is afkomstig van Dagblad Suriname. Bekijk het oorspronkelijke bericht hier.