De VRE zegt in een verklaring geen notitie te nemen van de brief die geschreven is door een paar individuele  boeren. De VRE zegt een goed georganiseerde vereniging te zijn en verwacht eerder een schrijven van de padieboerenvereniging en gaat niet in op deze brief. Ontevreden boeren moeten eerder hun misnoegen kenbaar maken bij hun vereniging, vermeldt de organisatie.

“De VRE maakt geen prijzen eigendunkelijk. De prijs van padie wordt  bepaald aan de hand van de wereldmarktprijzen en op basis van de exportprijzen wordt hierdoor de padieprijs afgeleid. Elke verwerker/opkoper is vrij zelf zijn prijs te bepalen indien men er vanuit gaat dat het voor hun winstgevend is. De sector is allang geliberaliseerd en de prijs wordt bepaald door vraag en aanbod.

Op dit moment kan de VRE een voorzichtige prijs van padie aanbieden tussen SRD 55- 57.50 per baal natte padie aangezien de wereldmarktprijs vrij stabiel is gebleven als het voorgaande seizoen. Witte rijst wordt voor FOB USD 520-533 Mton geleverd, terwijl cargorijst voor USD 415 FOB wordt geleverd. Deskundigen/economen kunnen dan nu zelf een berekening maken tegen welke prijs padie  opgekocht dient te worden.

Indien de boeren vinden dat de prijs van rijst internationaal aan het stijgen is, zouden wij dan graag de afzetmarkten van hun willen krijgen of zouden wij dan voor hun drogen, pellen en export gereed maken zodat zij een veel betere prijs kunnen behalen waardoor ze meer kunnen verdienen.

Steeds worden de beschuldigende vingers naar de verwerkers/exporteurs gewezen alsof wij de boosdoeners zijn die geen goede prijs voor de padie willen betalen, terwijl de boeren zelf niet beter willen presteren om hogere opbrengsten te halen per ha. Al decennia lang zijn de banken huiverig om kleine en middenstands boeren te financieren terwijl de verwerkers /exporteurs het zijn die de taken van de banken hebben overgenomen om de boeren tegen 0% rente te financieren vanaf de bewerking van grond, zaaizaad, ureum en het oogsten van padie. Zodoende heeft  de sector decennialang het hoofd boven water kunnen houden terwijl vele verwerkers over de kop zijn gegaan.

Dat de meeste kleine en middenstands boeren grote schulden bij de banken hebben berust op onwaarheden. De overheid kan gewoon bij de banken informatie opvragen over de schulden van de boeren. Men maakt onnodig veel ophef om alleen de aandacht van de regering te trekken hoe moeilijk de boeren het hebben, terwijl men bij de regering wil aandringen voor rechtstreekse subsidies. Dit wordt door een paar boeren, die op de achtergrond zijn, aangezet om de kleine man op straat te krijgen  terwijl men continu gehaaid is op subsidie.

Boeren dienen efficiënter te produceren waardoor zijn meer balen padie per ha kunnen oogsten en zo meer voor hun padie kunnen krijgen. Gemiddeld oogsten de boeren per ha +/- 75 balen padie, terwijl weer anderen boeren  100 balen en meer per ha padie oogsten. Anderen die 55 balen oogsten willen dan dit verhalen bij de verwerkers. Is dit dan de schuld van de verwerkers of de overheid indien men niet efficiënter wilt produceren?

De verwerkers nemen op hun beurt grote leningen bij de banken om de oogst binnen te halen en soms slaat men padie 6-8 maanden op met alle gevolgen van dien. Hierdoor kunnen rijst en padie vergelen en verder de kwaliteit gaan verslechteren, terwijl ook de rentes bij de bank 6-8 maanden lang betaald dienen te worden. En als de wereldmarktprijs verder keldert dan hebben de verwerkers nog grotere schulden. Als het zo goed zou gaan in de verwerking dan zouden bedrijven als SML en FaL die voor de boeren opkwamen niet over de kop gaan. Vele grote boeren zeker een aantal van 4 dat ook aan verwerking deed zijn failliet geraakt.

Verder hebben de verwerkers/exporteurs geregeld claims te incasseren van de buitenlandse afnemers indien de kwaliteit van rijst niet het gewenst resultaat oplevert. De boeren hebben hun geld binnen een maand of twee al ontvangen en zijn ze klaar met de verwerkers. De verwerkers moeten verder hun rijst  zien te verkopen binnen 6 -8 maanden  .

De verwerkers/exporteurs moeten zien te concurreren met de grote rijstproducerende landen als Vietnam , Thailand , Amerika , Brazilie die tot in de Caricom hun rijst dumpen beneden de kostprijs van de Surinaamse exporteurs . Amerika , Thailand, Brazilie en de Eu-landen subsidiëren hun rijst sterk maar zij geven incentives bij elke ton geëxporteerde rijst. Daar krijgen de boeren geen rechtstreekse subsidies. Doordat daar de export aantrekkelijker wordt gemaakt kunnen ze heel veel produceren en hierdoor betalen ze de boeren een veel gunstiger prijs voor de padie.

De VRE vindt dat deze wijze van subsidie veel beter is voor Suriname en hierdoor kan de overheid veel meer deviezen in de kas krijgen. Als de exporteurs een ‘levy’ krijgen per ton geëxporteerde rijst, dan gaat men agressiever exporteren en de vraag naar padie gaat steeds toenemen, waardoor een grote rush ontstaat en de boeren zo door vraag en aanbod een veel betere prijs kunnen krijgen.

Zo hoeven de boeren niet telkens hun handen voor de overheid op te houden. Dit model kost de overheid zeker 2/3 deel minder aan subsidie dan dat er rechtstreeks  aan de boeren gegeven wordt.  De toestroom van deviezen wordt ook veel groter. Zo wordt de export steeds aantrekkelijker gemaakt. Hierdoor wordt de hele kolom vanaf de  boer -de verwerker – de transporteur -tot de machinehouder bediend. Subsidies verlenen direct bij de export is veel transparanter omdat direct bij LVV en de douane controles uitgeoefend kunnen worden, hoeveel er daadwerkelijk geëxporteerd is geworden en door wie. Sommige verwerkers/exporteurs beweren dat er geen garanties zijn dat de gelden daadwerkelijk naar de boeren en de transporteurs zullen komen. Niets is minder waar. Men doet alsof hun neus bloedt terwijl dit model in de EU-landen en in Amerika gehanteerd wordt. Ongeveer 70% van ons rijst dient geëxporteerd te worden en daarom wordt de prijs afgeleid van de wereldmarktprijs.

Vele verwerkers kunnen hun machines niet vervangen, waardoor de kwaliteit voor de export niet gegarandeerd kunnen worden. Zo ook de machinehouders die geen nieuwe tractoren en combines aanschaffen waardoor er een nijpend tekort is aan machines voor de landbouwsector. De VRE vindt het wel discriminerend dat de overheid telkenmale de boeren subsidieert terwijl de andere schakels niet aan hun trekken komen waardoor niet de totale sector gezond wordt.

Dat de boeren een paar seizoenen  SRD 70 – 75 per baal padie hebben gehad van de verwerkers was puur geluk omdat de verwerkers/exporteurs  gemikt hadden op een goede wereldmarktprijs vanwege de slechte oogst in Amerika en de overstromingen die in India en China waren waardoor er minder rijst internationaal beschikbaar was. Nu hebben bijna alle landen een overproductie aan rijst en zijn de prijzen steeds aan het dalen. De boeren die gewend waren met een prijs van SRD 70- 75 gaan er vanuit dat het verschil van SRD 20 per baal hun verlies is terwijl dit niet waar is. Met een prijs van SRD 55  en een opbrengst van 100 balen per ha is het redelijk haalbaar voor de boeren. Het probleem van de boer is indien hij minder oogst,  hij dan het verlies wilt verhalen bij de verwerker terwijl door een betere inzet zij veel meer kunnen oogsten en daardoor het winstgevend voor ze zal zijn .

De regering doet heel veel voor de sector. Alle natte en droge infrastructuur zijn redelijk aangepakt en miljoenen US dollars zijn geïnvesteerd om de sector gezond te maken, maar toch wordt er steen en been geklaagd dat de overheid niets doet. Men is continu erop uit om alleen subsidies te krijgen van de overheid.

Er een grote vraag naar rijst op de Caricom markt, maar de vraag is tegen welke prijs wij willen afzetten. Ook kunnen wij op jaarbasis 10.000 Mton aan rijst heffingvrij naar Brazilie exporteren maar de vraag is weer dat we tegen een veel lage prijs ons rijst moeten verkopen terwijl Amerikaanse rijst in Brazilie en de Caricom gedumpt worden tegen een  concurrerende prijs.

De vraag is kan Suriname daadwerkelijk een voedselschuur van de Caricom

worden? De VRE zegt ja, maar er moet een betere stimulans aan de export gegeven worden middels incentives bij elke geëxporteerde rijst en de marketing in het buitenland moet agressiever door de overheid aangepakt worden.

Indien de export steeds toeneemt zal er meer vraag zijn naar padie, waardoor de boeren veel meer zullen beplanten. De overheid hoeft dan geen extra arealen te ontbossen maar dan zullen de boeren zelf dit ter hand nemen.

Dit bericht is afkomstig van GFC Nieuws. Bekijk het oorspronkelijke bericht hier.