Er lijkt al enige tijd een soort haat-liefde verhouding te bestaan tussen delen van de media en de Communicatie Dienst Suriname, CDS. De CDS, onder leiding van de jonge Alven Roosveld, lijkt het nooit goed te doen. Natuurlijk, er zijn missers, blunders begaan, zowel qua gang van zaken rond bijvoorbeeld persconferenties van de regering – waar mediawerkers veelal beperkt worden in hun vraagstelling, het geringe aantal vragen dat überhaupt gesteld mag worden, enzovoorts – als qua berichtgeving vanuit de CDS. Het is niet ongewoon dat in berichten van de CDS de nodige fouten voorkomen en dat soms verzonden persberichten enkele minuten later worden gevolgd door een – of zelfs twee – gewijzigd of aangepast bericht. 

Maar, ook de CDS leert iedere dag van haar fouten, missers en blunders en dat geldt zeker ook voor wat betreft het algemene contact met de media. De Communicatie Dienst Suriname is daar niet blind voor.  

De laatste tijd zijn er overigens nauwelijks nog persconferenties van de regering, terwijl de regering daar zo enthousiast mee was begonnen in het kader van transparantie en het op reguliere basis informeren van de samenleving over het gevoerde beleid, actuele issues, etcetera.

De redactie van Dagblad Suriname benaderde hierover de directeur van de CDS, Alven Roosveld. Volgens hem, is de overheid “constant aan het evalueren hoe de toegang tot informatie te verbeteren en versnellen”. 

“Informatievoorziening direct na Ministerraad”

“In dat kader was afgesproken met het media collectief c.q. de Surinaamse Vereniging van Journalisten, SVJ, dat de mogelijkheid zou worden bekeken om gelijk na de regeringsraad de media van informatie te voorzien. Dat is sinds kort het geval iedere woensdag van zeven tot acht uur ‘s avonds. Hierbij zit de woordvoerder aan met specifieke deskundigen – ministers/directeuren aan de hand van de agenda van de regeringsraad. Dit is het laatste dat wij in samenspraak hebben ondernomen op weg naar efficiënte communicatie. Ook dit zal worden geëvalueerd en gecontinueerd als na evaluatie blijkt dat het voorziet in de behoefte.”

Roosveld maakt duidelijk dat voor die informatievoorziening op de woensdagavond een uitnodiging wordt verstuurd. “We stellen de topic vast en er bestaat gelegenheid tot het stellen van vragen. Nogmaals: dit na overleg met de SVJ en het mediacollectief. Dit is dus niet in de plaats van de persconferenties. Dit is slechts effort om de info van de regering/ Ministerraad sneller beschikbaar te stellen.”

“We evalueren afgelopen periode”

Over het continueren van de reguliere persconferenties van de regering, “daar denken we nog over na”, zegt Roosveld. “We evalueren de afgelopen periode en zijn nog in gesprek met de SVJ. Dus daarover later meer. Er is op dit moment nog geen datum geprikt voor de volgende persconferentie.”

Protest media collectief

Een collectief van de media had medio oktober vorig jaar een protestbrief ingediend bij het Kabinet van de President inzake de gang van zaken rond een persconferentie van de regering op 4 oktober waar enkele mediawerkers de zaal uit protest verlieten. Het was de bekende druppel geweest die de emmer vol journalistieke kritiek had doen overlopen. Volgens het collectief waren in de tweede vragenronde journalisten op zeer onprofessionele en kleinerende wijze bejegend door de ceremoniemeester, met als gevolg dat journalisten uit protest de bijeenkomst verlieten.

Journalisten krijgen, volgens het collectief, “nauwelijks tijd om vragen te stellen, er zijn hele lange inleidingen en antwoorden op vragen worden heel snel weggemoffeld. We hebben graag dat vragen meteen beantwoord worden zodat aanvullende vragen meteen gesteld kunnen worden.” Ook klaagden mediawerkers over het feit, dat de persconferenties veelal te laat aanvangen en journalisten beknot worden bij het stellen van vragen.

Serieus

Uit de reactie van Roosveld tegenover Dagblad Suriname blijkt, dat zijn Communicatie Dienst Suriname de kritiekpunten uit het mediaveld serieus neemt en dat op een aantal fronten gewerkt wordt aan verbetering van de relatie met de mediawerkers.

PK

Dit bericht is afkomstig van Dagblad Suriname. Bekijk het oorspronkelijke bericht hier.