De prehistorische mens was naast jager en verzamelaar, ook aaseter. Dat blijkt uit archeologische opgravingen die zijn verricht in het zuidoosten van Spanje

Daar werden menselijke sporen gevonden bij het kadaver van een olifant, zo schrijft de Volkskrant vrijdag naar aanleiding van een nog te publiceren stuk in het wetenschappelijke tijdschrift Quarternay International.

Bij een opgraving in het Spaanse Orce, een van de oudste vindplaatsen in Europa, werden sporen gevonden van een fossiele olifant omringd door versteende hyenakeutels en menselijke werktuigen. De vondsten zijn ongeveer 1,3 miljoen jaar oud.

Volgens de aanwijzingen hebben de mensachtigen het kadaver geplunderd, daarna hebben hyena’s om de rest van het kadaver verorberd. De poten en de kop van het dier zijn onvindbaar en waarschijnlijk meegenomen door de oermensen.

Onderzoekers menen dat de olifant een natuurlijk dood is gestorven vanwege zijn hoge leeftijd (60 jaar) en zijn aanwezigheid bij een waterbron, waar meer olifanten stierven.

De gevonden werktuigen zijn een andere aanwijzing. Deze zijn volgens onderzoekers veel te eenvoudig om een olifant mee te doden. Zo is hier zeker geen sprake van een jachtbuit.

De resultaten van het onderzoek verschijnen binnenkort.

(nu.nl)

Dit bericht is afkomstig van GFC Nieuws. Bekijk het oorspronkelijke bericht hier.