Bij elk project dat op onderwijsgebied zal worden uitgevoerd, zal als risico voor de output gelden de kwaliteit van het mens-zijn van de leerkrachten en de ouders. In een eerdere stuk beweerden wij hier dat het gezicht van de ouder danig is veranderd. De onderwijzer is heden ten dage allang geen stuwende sociale en organiserende kracht meer. Onderwijzers voelen zich tegenwoordig voor een deel niet overgeslagen als een buurtorganisatie wordt opgericht zonder hun betrokkenheid. Heel moeilijk is men ook te vinden voor leidinggevende niet-betaalde functies in sociale organisaties. Dat deze zelfde leerkrachten die absoluut geen tijd hebben voor de buurt, kans maken om bijvoorbeeld directiefuncties op hun school te bekleden, is wel een raadsel. Wij hebben dan wel bedenkingen over de selectiemaatstaven van bijvoorbeeld middelbare scholen. Het project waarop wij hier de nadruk willen leggen, is dat van de naschoolse opvang. Eerder pleitten wij voor het project vooral voor buurten waar kinderen niet genoeg op tijd te eten hebben, er geen toezicht is van ouderen en de huisvesting voor het doen van schoolwerk slecht is. Wij stelden ook dat er kinderen zijn die een optimale opvang thuis hebben. Er is heel goede huisvesting, er is voeding en drank in overvloed, er is liefde en aandacht van ouderen en er is begeleiding voor schoolwerk indien nodig. Nablijven op school na de schooltijd is voor deze kinderen geen vooruitgang, eerder het tegenovergestelde. Daarom is het moeilijk om een lijn door te trekken wat de naschoolse opvang betreft. Ouders en verzorgers moeten de ruimte hebben om ‘neen’ te zeggen tegen de optie van naschoolse opvang. Ouders en verzorgers hebben de ruimte om deze opvang af te wijzen als hun kind erop achteruit gaat. In het andere geval moet de opvang op de school anders van topklasse zijn in termen van accommodatie, voeding, aandacht en liefde en begeleiding. Waarschijnlijk is dat niet haalbaar. Nu wordt vernomen van ouders in Nickerie dat zij ontevreden zijn over de voeding die aan hun kinderen op school wordt gegeven. Kinderen zouden ziek ervan worden en ze zouden klagen over buikpijn. In deze gaat het dan om ouders die een betere situatie thuis hebben waarschijnlijk dan de schoolsituatie. Of het kan zijn dat de naschoolse opvang een verbetering is in het dagelijkse patroon van het kind, maar dat men alleen wil voorkomen dat de kinderen ziek worden. In de media wordt de naschoolse opvang aangeduid als het voedingsproject. Nu is zeker voor bepaalde buurten het voedingsaspect zeer essentieel in het project naschoolse opvang. Maar de bedoeling is dat het ook een belangrijke plaats inneemt het aspect van begeleiding. Daarbij spelen pedagogisch verantwoorde spelletjes een belangrijke rol evenals de huiswerkbegeleiding en de voorbereiding voor repetities. Waarschijnlijk is het begeleidingsgedeelte op sommige scholen in fase 2 in uitvoering. In de media is bericht dat ouders in Nickerie uit ontevredenheid over de voeding een klacht hebben ingediend bij de onderwijsinspectie, maar niet bij het schoolhoofd/de schoolleiding. Dat is een zaak die wel verbetering behoeft. In het project naschoolse opvang wordt zoals wij begrepen ook getracht om de interactie tussen oudercommissies, schoolleidingen en Minov te versterken. De ouders hadden daarom het probleem van vermeende ondermaatse voeding met de schoolleiding ook moeten bespreken. Bij de schoolleiders zijn er geen ziektegevallen geregistreerd. Volgens de onderwijsinspectie wordt het eten bereid en samengesteld volgens de voedingspiramide. De onderwijsinspectie vermoedt dat het gedeelte van ‘verplicht groente eten’ het punt is waarom de kinderen morren. Een tendens die de laatste tijd zeker te ontdekken is, is dat het kritisch vermogen van ouders om beweringen van hun kinderen en pupillen te verifiëren, aan het afnemen is. Dat zou wellicht te maken kunnen hebben met de kleinere samenstelling van gezinnen, waar kinderen van meet af aan de touwtjes in handen nemen. Een schoolleider in Nickerie constateert al dat de kinderen over het algemeen sinds de aanvang van het project beter presteren op school. Dat is een uitkomst die te verwachten was, vandaar de vele positieve reacties hierop. Dat zou ook het geval zijn in Nickerie.  Evaluatie in Para heeft, in principe logisch, geleid tot de vaststelling van kinderziektes. In het district is ook aandacht voor de veiligheid van de kinderen op straat wanneer ze naar huis gaan. Ook in Para constateren leerkrachten dat de onderwijsdoelen bereikt zijn. Kennelijk zal de evaluatie in andere districten hetzelfde beeld voortbrengen. Het is zeer aan te bevelen dat alle districten worden geëvalueerd. De kinderziektes die geconstateerd worden, moeten worden hersteld. Personen die hun verantwoordelijkheid nog niet goed snappen, moeten aangesproken worden. In elk geval dient het project stevig verankerd te worden in de samenleving, totdat de thuissituatie van de kinderen in Suriname aanmerkelijk verbetert. Alhoewel nog niet uitdrukkelijk beweerd, is het project naschoolse opvang in vele opzichten een verdere implementatie van het door Suriname geratificeerde VN Kinderrechtenverdrag.

Dit bericht is afkomstig van Dagblad Suriname. Bekijk het oorspronkelijke bericht hier.