Als reactie op enige opmerkingen van een zekere Taytelbaum, wil ik alvast zeggen dat ik al acht jaar gepensioneerd ben als archeoloog bij het Directoraat Cultuur en dat ‘wij’ – Stichting Cultuureducatie- nu verwikkeld zijn in een soort ‘gevecht’ met het Minov over vijf van onze culturele projecten. Het stoort ons daarom enorm, als de ministers steeds worden vervangen omdat Cultuur sinds 1975 altijd een stiefmoederlijke behandeling van het Minov heeft gekregen. Wij pleiten daarom voor een onafhankelijke Raad voor Cultuur of voor een minister uit het eigen politieke kamp. Dan kan er kan er toch niets meer mis gaan in de werkrelatie?

En ik wenste wel dat ik als 68-jarige man nu mocht solliciteren voor een topfunctie bij de overheid. Ik blijf ook volhouden dat de beste jaren van Cultuur zijn geweest de jaren tussen 1980 en 1982. Suriname had er toen nooit van gedroomd zoveel deskundig kader ooit in huis te zullen hebben; kinderen van het eigen land. Dat kader is er niet meer en dan heb je nu toch wel verdriet over? Als er dan toch met vallen en opstaan weer plannen zijn gemaakt en minister Sitaldin vindt dat ook leuk, dan geeft dat de burger toch goede hoop?

Zo een ervaring heb ik ook gehad met de heer Ivan Graanoogst van Carifesta, met die man kun je leuk over de droomplannen van Cultuur praten en wat de buitenwacht niet weet en het daarom ook niet zal begrijpen, is dat cultuurplannen pas serieus worden genomen als ze zijn onderbouwd met historische feiten en harde cijfers. De rest beschouwt de internationale financiële wereld als ‘kletskoek’, vooral de beroemde verhalen over slavernij en contractarbeid scoren slecht. Daarvoor mogen wij als Surinamers nog jaren lang op les gaan bij de ‘storytellers’ (torimans) buiten Afrika en Azië.

Voor de lezers van GFC is het ook goed om te weten, dat wij hierover al tien jaar geleden (in 2002) een sociologisch onderzoek als een Unescoproject over het hele land hebben uitgevoerd.onder 3.161 scholieren en 675 volwassenen. Leuke praatjes over het cultuurbeleid van Suriname worden aan de hand van zo een onderzoek gauw gekwalificeerd als ‘kletspraatjes’. En dan wordt men boos. Maar ik kan u wel u aan de hand van procenten precies vertellen, want ik behoor tot de bloeiperiode van Cultuur van de beginjaren ’80, dat de grootste wens van de Surinaamse jeugd is, dat zij in haar eigen buurt wil leren dansen, dat zij het Nederlands een prima taal vindt en dat zij geen enkel probleem heeft met nog een andere religie dan die zij al heeft.

Hoe meer de religie openstaat voor andere ‘gelovigen’ hoe leuker de jeugd dat vindt. En tenslotte werd al tien jaar geleden gepleit om het cultuurbeleid in Suriname te laten afhangen van de resultaten van wetenschappelijk onderzoek. Dus niet meer van praatjes en ook niet meer van partijprogramma’s. Geen ‘natte vinger’ werk meer, maar bijvoorbeeld de planning van de komende Carifesta duidelijk te laten afhangen van de resultaten van een gedegen cultuurwetenschappelijk onderzoek. En laat dat onderzoek door een erkend instituut of door onze universiteit uitvoeren, anders gelooft niemand je! Tevreden nu heer Taytelbaum?

Benjamin S. Mitrasingh

In de rubrieken ‘Ingezonden/ Aangeboden’ stelt GFC Nieuws een ieder in de gelegenheid om een eigen mening of visie te geven op alle actuele ontwikkelingen en/of relevante onderwerpen. Stukken die geplaatst worden komen niet noodzakelijkerwijs overeen met de visie en/of de mening van de redactie.  De redactie heeft het recht om de stukken wel of niet te plaatsen, in te korten of te redigeren, zonder de mening en/of visie van de inzender aan te tasten. Er worden alleen stukken geplaatst die behoudens een ieders verantwoordelijkheid voldoen aan wat gesteld wordt in de Surinaamse wetgeving.

Dit bericht is afkomstig van GFC Nieuws. Bekijk het oorspronkelijke bericht hier.