Wat gebeurt er in de mind van een crime of passion moordenaar? Is het toegeven aan niet te controleren impulsen of is het een gebrek aan geweten? In de psychologie wordt het vaak toegeschreven aan dissociatie, het hebben van verschillende, tenminste twee persoonlijkheidstoestanden. Het kan een gevolg zijn van ernstige verstoorde relaties op jonge leeftijd, massieve trauma’s die dissociatie tot gevolg heeft waarbij morele gevoelens, waarden en normen ontbreken en het pathologische, ziekelijke, afwijkende vormen kan aannemen. De personen kunnen door opgelopen trauma’s, een persoonlijkheid ontwikkelen waarbij zij vaker minder ernstige tot ernstige daden plegen, emotieloos, geen empathie, zonder respect voor de ander of het leven. In deze staat ontstaat er een bewustzijn dat het uitpraten van kwesties onmogelijk maakt evenals zelfkritiek en het rekening houden met morele waarden en normen. Hierdoor kunnen primaire driften, impulsief gedrag, de overhand krijgen en kan er agressief gedrag ontstaan als uitlaat voor de emotionele toestand. Er wordt geen rekening gehouden met de rechten van anderen, morele waarden en normen en mogelijke gevolgen van de daad. Er is dus sprake van disassociatie en de persoon wordt slechts gedreven door de eigen hoge negatieve emoties en trauma’s. Door de ernstige negatieve ervaringen heeft de persoon aangeleerd zich te distantiëren van subjectieve morele waarden en gevoelens van schuld. De persoon kan weten en zien wat er gebeurt, maar er is geen connectie meer met de ervaren realiteit. Soms weet de persoon niet zeker als het is gebeurd of als het is gedroomd. Bij strafzaken vragen dergelijke personen vaak zelf om de doodstraf, omdat ze weten en voelen dat ze nimmer boven de massieve trauma’s zullen uitstijgen. Niet altijd hebben de personen zo een persoonlijkheid, maar kunnen ze een ervaring hebben, een traumatische stress die tot dissociatie leidt. De dissociatie is een manier om de ervaring weg te doen, het niet te ervaren en te blijven functioneren. Praten erover wordt ook hier moeilijk tot onmogelijk en impulsief gedrag wordt dominant. Bij gedragingen van deze personen kan de omgeving met verbazing reageren. Hij/zij was altijd rustig, een prettige persoon in de omgang en plotseling is die veranderd.

Hoe een psycholoog of psychotherapeut zal optreden, hangt af van zijn/haar opleiding, psychologische inzichten en de daadwerkelijke skills waarover de hulpverlener beschikt. Er zijn soms signalen waar te nemen wanneer iemand problemen heeft met het verwerken van vroege massieve trauma’s of traumatische stress. Mood swings of steeds veranderingen in de emoties en uitingen, alcohol- of drugsmisbruik. De persoon heeft niet logische denkverbanden, de uitleg van problemen middels de taal is moeilijk te volgen en de persoon reageert op onbegrip primair emotioneel. Indicaties dat de persoon zich niet echt veilig voelt, concentratieproblemen heeft en zichzelf niet in de hand kan houden. De persoon zou ook bipolair kunnen zijn, dus soms heel erg overactief en soms teruggetrokken en in zichzelf gekeerd. Geheugenstoornissen of het zich niet meer kunnen herinneren van gebeurtenissen of conversaties kunnen ook voorkomen. Het psychosociale leven raakt ernstig verstoord en de persoon komt steeds onbegrijpelijker over bij anderen. Dit kunnen allemaal symptomen zijn dat de persoon moeite heeft met de verwerking van massieve trauma’s uit het verleden of traumatische stress. Niet altijd zijn er zulke duidelijke symptomen, maar ook al zijn die er, over het algemeen weet de omgeving niet hoe te handelen en laat men het maar voor wat het is, zonder preventieve acties te ondernemen. Een onderzoek in het milieu van de persoon, eventueel het nagaan van zijn/haar persoonlijke geschiedenis zijn eerstelijn maatregelen die genomen kunnen worden. Cognitieve gedragsinterventies of specifieke doelgerichte cognitieve gedragsinterventies bij de persoon kunnen mogelijk erger voorkomen. Bij massieve trauma’s kan het probleem zo complex zijn of in de loop der jaren zo complex worden, dat je als therapeut slechts de mogelijkheid hebt specifieke doelgerichte cognitieve interventies te doen, ervan uitgaande dat de andere gedragingen zich zullen aanpassen aan de nieuwe cognitie. De cues of stimuli in de gedragsketen probeer je te veranderen, zodanig dat er voor een bepaalde cue of stimuli niet meer primitieve of impulsieve gedachten of gedragingen opkomen, maar sociaal acceptabelere. Er zijn natuurlijk ook andere interventiemogelijkheden, waarop hier niet nader wordt ingegaan. De interventies zijn natuurlijk direct gelinkt aan de diagnose van welke trauma’s er spelen en hoe de persoon die tot nu toe heeft proberen op te lossen. Traumatische stress is ondertussen een veel voorkomend verschijnsel. We zullen met zijn allen alerter moeten worden en een meer preventieve aanpak moeten bevorderen. Een preventieve aanpak vraagt om een multidisciplinaire aanpak en is meer dan het praten erover en mensen waarschuwen het niet te doen of ervoor op te passen, of aan te geven hoeveel leed men elkaar kan toebrengen. De kwestie is veel dieper dan dat alsook de gewenste interventies.

Dr. Glenn Leckie

Klinisch Psycholoog

Dit bericht is afkomstig van Dagblad Suriname. Bekijk het oorspronkelijke bericht hier.